Maandag 31 mei : St. Jean d'Angély - Saintes

Ik sta op om 6u30 en maak me klaar. Ik berg mijn verse kleren en verse etensvoorraden in mijn rugzak. Het zijn vooral energierepen. Dany zou mijn rugzak volstoppen met 5 kilo salami, worsten, minuutsoep, appels en appelsienen. Ik weet nu al dat mijn knieën met een kilootje minder 's avonds minder last verkopen. klik hier om te vergroten
Om acht uur ontbijten wij en betalen de rekening. We nemen afscheid, beseffend dat het nu voor twee maand is. De dreigende wolken beginnen hun water los te laten als ik richting Veron stap. Ik had een voorgevoel en had mijn regenkledij al aangetrokken, moest het zijn dat er een spatje zou uitvallen.
klik hier om te vergroten In Veron verlaat ik het asfalt en loop gedurende 4 uur onafgebroken door uitgestrekte bossen op een GR-pad in zuidwestelijke richting. De enkele spatjes van drie uur geleden zijn nu bakken water die naar beneden pletsen. Stoppen heeft geen zin, schuilen kan ik toch niet, ik ben doornat, mijn kledij is blijkbaar niet geschikt voor zoveel regen.
Om 13u00 kom ik het bos uit, hier regent het nog meer, de bomen in het bos gaven me nog een klein beetje beschutting. Mijn rugzak begint door te wegen maar wat kan ik doen? In dit onherbergzaam gebied kun je alleen klagen tegen jezelf. In het dorpje Juicq vraag ik aan de eerste mens die ik tot nu toe tegenkwam of dit wel de juiste weg naar Saintes is. Ook geplaagd door het neervallend water wijst hij de richting aan en loopt met zijn hoofd in de grond de andere richting op. 
 Ik kom in het dorpje "le Douhet" en kan mijn ogen niet geloven. Hier in dit God vergeten gat is er een herberg en hij is open. Ik mag van de "patron" mijn kleren op de stoelen open hangen, hij zet ze rond de kachel, terwijl ik een droge t-shirt aantrek. Ik bestel een warme koffie en praat gedurende een klein uurtje met de enkele mensen die er iets verteren. "Avec un temps pareil, tu ne sais rien faire d'autres". Mijn kleren dampen aan het vuur. Het is tijd om door te gaan.
Om 14u00, neem ik afscheid van het gezelschap en bij het buitengaan, vertelt de baas me dat er vanaf hier, aan elk kruispunt, zelfs in het woud waar ik nog moet doorlopen, St-Jacobsborden zijn ingeplant en dit tot in Bordeaux. Ik bedank hem en duik opgewarmd terug het water in. 
Ik volg blindelings de Sint-Jacobsschelpen, die wel heel duidelijk, elke honderd meter, zichtbaar zijn. Het zijn eigenlijk kleine betonnen monumentjes. Het komt me goed uit, met dit weer hoef ik niet altijd mijn kaart uit te halen. Wat moet het hier heerlijk zijn als de zon schijnt. Nu heb ik eerder het gevoel dat ik constant door een carwash stap. klik hier om te vergroten
 Mijn schoenen wegen loodzwaar door de plakkende modder, telkens ik een grote boom voorbij loop stamp ik er de meeste aarde af. Om 16u30 verlaat ik het bos, ik ben in Fontcouverte, ik maak even gebruik van een korte regenstop om iets te eten en te drinken en stap direct verder, ik stap nog een uur tot het centrum van Saintes.
Aan de St Eutropekerk ga ik "Le Refuge pour pélerin de St Jacques" binnen, waar niemand minder dan Nicole en Pol reeds op hun bed zitten. Hoe ze er in geslaagd zijn hier te geraken is me een raadsel, maar het weerzien was uitbundig. Ik moet wel iets recht zetten, Pol noemt eigenlijk Gilbert. Ik hang mijn kleren op een rek en neem een douche. Jacqueline, de verantwoordelijke, schrijft me in, ik krijg mijn stempel en betaal 6 EUR, ontbijt inbegrepen. 
Om 19u30 eet ik in een fastfoodrestaurant, frieten met worst. Om 20u30 lig ik, na een tocht van 35 natte kilometers, in bed.
Deze tocht draag ik op aan al degenen die de MS liga tot nu toe geholpen hebben.
 

Vorige

Terug naar dagboek

Volgende