| Ik
word
wakker om 5u30, na een korte nacht. Ik maak me klaar en roep mijn twee
collega's op. Beneden staat het ontbijt al klaar. Verschillende soorten
confituur, honing en vlees. Tijdens het eten praten we met de eigenaars
over alles en nog wat. Rond 7u30 nemen we afscheid van die gezellige
mensen en vertrekken naar mijn beginpunt in Chateau-Renault. Na enig
zoekwerk stoppen we aan de D46. We nemen afscheid van elkaar, ik bedank
Mark en Christoffe en wens hun een behouden thuiskomst. Afscheid nemen
doet altijd pijn, het is telkens een beetje sterven. Elke morgen heb ik
dat eng gevoel, maar ditmaal is het sterker. |
 |
| Ik
durf niet meer om te kijken en vertrek richting Neuille-le-Lierre. Ik
verbaas me over mijn conditie. Ik heb maar vier uur geslapen. De tocht
van gisteren was dodend en toch voel ik me weer prima. Mijn benen hebben
de strammigheid van gisteren vergeten. |
| De
zon die ik gisteren haatte is nu mijn lieve weldoener. Hoe lang haar
zachte strelingen op mijn armen en benen zal duren, zal ik wel
ondervinden. Ik heb eigenlijk een liefde-haatverhouding met de bron van
het leven. Om 10u30 kom ik in Neuille-le-Lierre, waar ik in de schaduw
van een Linde op het kerkplein een rustpauze neem. Om 11u00 vertrek ik
en stap door bossen en weiland, richting Vernoe-sur-Brenne. |
 |
Ik
loop langs de oevers van de Brenne, een visrijk riviertje, op de
"Route Touristique de Val de Loire". Hier zijn de zuidelijke
heuvels begroeid met wijngaarden. In
Chancay zet ik me naast het riviertje in de schaduw, en geniet van de
rust. Een waterspreeuw duikt van een rotsblok regelmatig onder, zoekend
naar waterinsecten. Beekforellen jagen stroomopwaarts naar
voorbijdrijvende muggen. |
| Na
mijn rustpauze, verlaat ik het dal en loop door wijngaarden naar
Vernou-sur-Brenne, waar ik aankom rond 13u30. Ik zet me onder een brug
van de TGV Atlantique en drink met mijn laatste druppels lauw water uit.
Bij het voorbij razen van een treinstel davert gans de omgeving, het
kontrast tussen natuur en onze moderne maatschappij is hier duidelijk
voelbaar. |
| Ik
bel vlug eens naar Dany, die me voor haar verjaardag komt bezoeken, met
Maarten, Roos en Nele. Ze bevinden zich op 50 kilometer van Tours. Dat
komt goed uit, ik heb nog 5 kilometer te lopen langsheen de oevers van
de Loire, waar ik voor het eerst een groepje Zilverreigers zie. Een
perfecte timing. Om 15u30 zet ik me op een terrasje en wacht, met een
glas Grimbergen, op mijn familie. Ik verwelkom ze rond 16u00. We
genieten samen van ons weerzien en praten nog tot laat in avond over
mijn avonturen. |
 |
| Deze
draag ik op aan de huttentochters Dirk, Chris, Herman, Guido, Johan,
Leonard, Bart, Rene, William, Kistofken (De Gewurstramiener), Anneke,
Neleke, Roos en Maarten. |