| We
hebben deze nacht geen oog dicht gedaan, we lagen om 21u00 uitgeput in
bed maar werden steeds gewekt door pelgrims die later binnenkwamen. In
de keuken was er een lawaai van jewelste tot 24u00 en als iedereen in
bed lag, kregen we te kampen met jongelui uit de stad die tot 3u00 in de
morgen stenen op de vensters wierpen en op de deuren ramden dat gans de
herberg ervan daverde. |
 |
| Als
het gedreun van die jonge vandalen achter de rug was, waren de
gelukkigste van de kamer die het eerst in slaap waren maar die hielden
de rest van de zaal met 15 bedden wakker door hun enorm gesnurk. |
| We
zijn dan maar opgestaan om 5u00 en hebben ons zo stil mogelijk
klaargemaakt. Maité en een Spanjaard staan gelijkertijd op en we nemen
in de keuken ons ontbijt. Om 6u30 vertrekken we met vieren voor een
tocht van 32 kilometer naar Lugo. We komen meer en meer pelgrims tegen.
Lugo ligt op 100 kilometer van Santiago en het zijn die laatste 100
kilometers die tellen in Compostela. Ook al heb je er 2200 achter de rug
zoals ik en je kunt de laatste loodjes niet afmaken, dan heb je gans je
pelgrimstocht voor niets gedaan. |
| Daarbij
komt nog dat er hier velen gebruik maken van het openbaar vervoer en de
laatste kilometers voor het eindpunt van de dag de bus afstappen en hun
stempel in ontvangst krijgen voor een trip van 30 kilometers of meer
waarvan ze er maar vijf gestapt hebben. Mij niet gelaten maar als je het
zo moet doen dan ben je beter dat je met de boerinnenbond per bus naar
Lourdes reist. Wij doen het in elk geval serieus, ik val liever dood dan
een bus te nemen. En heb je een moeilijke dag, die moet je er dan maar
bijnemen. Het zijn die dagen die je sterken en die je 's avonds bij je
aankomst de meeste voldoening geven. |
| Het
is nog donker als we door de straten van de stad trekken. De
lawaaimakers van deze nacht liggen nu waarschijnlijk hun roes uit te
slapen, niet beseffend wat ze ons aangedaan hebben. |
 |
Gedurende
een uur lopen we op een brede baan die ons op het hoogste punt van de
dag brengt, de Alto de la Vaqueriza, 850 meter boven de zeespiegel. |
 |
 |
Bovengekomen
is het gelukkig voor ons dag geworden want we verlaten de steenweg met
de straatverlichting en nemen de Camino door donkere dennenbossen. Door
de mist die langzaam tussen de bomen optrekt, krijgt het woud een
mystieke sfeer. Regelmatig worden we opgeschrikt door een wegvluchtend
hert dat door onze plotse aanwezigheid uit de varens het hazenpad
kiest. |
| Gedurende
twee uur lopen we door dit woud, enkel vertrouwend op de, door de nevel,
soms moeilijk te vinden gele pijlen, en komen tenslotte in het dorp
Castroverde, een klein bedevaartsoord, waar we in een bar in het centrum
een koffie drinken en de route die we moeten volgen bestuderen. |
 |
| Om
10u00 vertrekken we uit het dorp,dat tevens de laatste plaats op onze
tocht was om iets te eten of te drinken en stappen gedurende vier uur
door afwisselend bossen en door met hoge hagen omzoomde weiden. Het
landschap verandert, de bergen van deze morgen zijn niet zo ruw meer en
zijn tot de toppen begroeid met loofbossen. |
| Het
blijft gans de dag bewolkt maar als de zon er even doorbreekt is het
bakken geblazen. Om 13u30 lopen we door het dorpje Fazai en we zien in
de verte Lugo liggen, waar we om 14u30, na een tocht van 7u00
beentrekkend aankomen. |
 |
We
krijgen onze stempel in de refugio, eten een slaatje en bezoeken de
stad. Om 21u00 liggen we uitgeput maar voldaan van onze dagtrip in
bed. |
 |
| Deze
tocht draag ik op aan alle Santiago pelgrims die niettegenstaande hun
pijnlijke benen de moed hebben verder te stappen en niet de bus nemen. |
|
|
|
|
|