Woensdag 9 juni : Parentis en Born - Mimizan

Snel in slaap maar door zwaar onweer boven het dorp wakker geworden om 3u00. De onweders zijn hier heel spectaculair en je hoort ze niet nader bijkomen. Ze zijn er en het is vuurwerk en oorverdovend gebulder, en dit voor de ganse nacht. klik hier om te vergroten
Ik neem mijn ontbijt met Nederlanders die hier in de streek werken, ze zijn zoals ik, ook onder de indruk van het noodweer. Blijkbaar is dit hier normaal, de eigenaar vond het echt eens nodig dat het regende.
Na mijn ontbijt neem ik afscheid en verlaat om 7u15, via de D652 Parentis-en-Born. De weg is minder druk en door de regen geurt het woud uitermate fris. De natuur herleefd, twee eekhoorns lopen voor mij de weg over en klauteren, net als circusartiesten, hoog de pijnbomen in.
Ik stap tot het dorpje Gastes en zet me even op mijn rugzak. Hier heb ik een prachtig zicht op het meer, gesluierd in en waas van optrekkende mist, soms geheel aanschouwbaar en even later totaal verdwenen, een schouwspel om nooit te vergeten. Een natuurtheater waar de toneelmeester niet goed weet of hij de gordijnen open of dicht moet laten. Maar het resultaat is aangrijpend.
klik hier om te vergroten Na een half uurtje rust vertrek ik uit de Eerste Loge en zet mijn tocht voort door het onbekende, richting St-Eulaile-en-Born, waar ik via een wandelpad door de hoge dennen om 11u00 aankom. De oceaanwind heeft alle wolken weggeblazen. De ochtendkoelte is verdwenen. Puffend loop ik door het dorpje in de hoop er drankgelegenheid te vinden, maar tevergeefs, dit hebben ze hier nog niet uitgevonden.
Ik zoek mijn toevlucht in het kerkje, doe mijn plakkerige rugzak af en zet me naast de preekstoel op een bank, en kom tot rust, een zalige rust. Ik heb het gevoel dat ik hier niet meer weg wil. Ik voel me veilig en niet verlaten, hier in de volkomen eenzaamheid op 1000 kilometer van huis en 200 kilometer van Spanje, in een klein verlaten kerkje, zo klein dat ik zittend de kruisweg kan volgen, “zijn kruisweg”. klik hier om te vergroten
Ik heb er eigenlijk nooit bij stilgestaan maar kom hier tot het besef welke waarde het uitstraalt en het zijn geen Michelangelo's, maar eenvoudige kunstwerkjes van een plaatselijke schilder.
klik hier om te vergroten Na mijn pauze verlaat ik de koelte en stap verder door "Les Forets Landaise" naar het stadje Mimisan. De laatste 3 kilometer loop ik langs de oevers van een meer,"l'Etang d'Aureilhan" genaamd. Zwemmen is er verboden door de vervaarlijke diepteverschillen en slibbanken, nochtans heb ik er zin in met dit zwoele weer, maar ik zal me best aan de regels houden en loop verder tot Mimizan Centre, waar ik iets zoek om te overnachten. 
Ik was mijn, naar zweet stinkende kleren, in een de wasbak en laat ze drogen op een afdak. Op een terrasje eet ik een friet met eendenbil en ga voldaan maar redelijk uitgeput, om 20u30 slapen.

Tijdens deze tocht toast ik op Lidie Lison, voor haar 90ste verjaardag. Lidie, ik neem je op je woord : paling, maar liefst gebakken, niet in 't groen, met sjalotjes. Een gelukkige verjaardag en nog een goede gezondheid. Op naar de honderd !

Vorige

Terug naar dagboek

Volgende