Beste mensen,
Ik ben zeer vereerd door jullie aanwezigheid. Eerst en vooral dank ik de heer Pany en Godelieve die deze viering willen op hun nemen. Ik heb er echt geen woorden voor. Spijtig genoeg kunnen ons ma en pa er niet meer bij zijn. Onze pa zou gezegd hebben : “maar Marksken, waar begin je toch aan ?” Ons ma zou fier als een pauw maar heel bescheiden het aan niemand tonend in haar binnenste hopen dat ik het zou halen. TORREKES en LOTJES, ik weet dat je daar boven met mij en mijn zussen bezig bent. Jullie kunnen niet geloven hoeveel ik jullie mis en hoeveel ik aan jullie denk. Ik ben trots om jullie zoon te zijn. Daarom dacht ik; de énigen die jullie kunnen vervangen, dat zijn mijn meter en peter. Daarom wil ik in de eerste plaats mijn doopouders bedanken omdat ze een luisterend oor en een steun zijn voor mij en Dany tijdens mijn tocht naar het verre Galicië. Yvette en Lindake, ik zal jullie eveneens heel erg missen, ik was misschien als ik klein was een duvelken, ik was een meester in kapoen zijn, maar vergeet één ding niet : ik zie jullie graag !
Beste schoonouders, jullie zullen me ’s zondags eventjes moeten missen om ’s namiddags een pint te gaan drinken, maar laat ons afspreken, elke zondag om 17u zal ik een pint in gedachten met jullie drinken.
Schoonzussen en schoonbroers, tot binnen 3 maanden. Nonkel Jacques, ik zal uw schelp en de staf zorgzaam bewaren en behouden terugbrengen naar Galmaarden.
Maarten, Roos en Nele, zorg voor Memoechken. Ze zal het net zoals ik, soms moeilijk hebben. Zij heeft er niet voor gekozen, ik wel.
Dany, ik vertrek nu voor 3 maanden, ik ben fier op je dat je me dit laat ondernemen.
Beste aanwezigen, vrienden en collega’s, ik dank jullie voor de steun die ik van jullie heb. Jullie zijn steeds in mijn gedachten.
Anja en Jan, mijn toffe bureelgenoten, tot ziens en tot binnen 3 maanden, hou mijn zetel warm. Frank en Marina, bedankt voor jullie steun. Frank, jij hebt deze tocht verleden jaar ondernomen, nu is het mijn beurt. Ik neem je mee op mijn schouders. Mensen met MS, ik hoop dat ik met deze tocht iets kan bijdragen om die ziekte te bestrijden. Ik vergeet zeker het Gemeentebestuur niet voor de steun die ze me geven.
BESTE MENSEN, IK DANK JULLIE EN ZAL ZEKER NIET NALATEN EEN KAARS TE LATEN BRANDEN VOOR JULLIE ALLEN.
Na de viering nodig ik jullie allen uit op een tas koffie in het Baljuwhuis. Ik vertrek nu en zie jullie terug binnen 3 maanden. Bij deze wil ik ook mijn baas, de heer Nuelant feliciteren met zijn 50ste verjaardag.
Wie zei ook weer PARTIR C’EST MOURIR UN PEU ? Ik zeg je 1 ding : PARTIR C’EST MOURIR ENORMEMENT !!!!
Marc Tresignie
Galmaarden, 1 mei 2004